Advocaat van de KoraalDuivel

Er zijn weinig vissen waarvan de Nederlandse naam beter past dan de Engelse. Waar deze vis internationaal wordt vergeleken met een leeuw (Lionfish), komt bij de Nederlandse vertaling toch een stuk meer kwaad naar voren. En niet onterecht, want de vis kent meerdere duivelse dilemma’s die verantwoordelijk zijn voor zijn aantrekkingskracht op duikers. De bijzondere onderwaterbewoner van deze keer: De Koraalduivel.

In het rijtje van typische koraalbewoners horen een paar vissoorten die de conclusie dat je een tropisch rif beduikt bevestigen. De clowsvis is er een van, en scoort hoog op de schattigheidsfactor. Absoluut niet schattig maar toch typerend is de koraalduivel. Met zijn waaierige, capeachtige vinnen ontdek je de koraalduivel relatief eenvoudig. En niet zonder reden, want de vis heeft een uitstekend afweermechanisme, letterlijk.

De koraalduivel valt onder de familie van de schorpioenvissen. Dat klinkt al venijnig, en zij hebben dan ook niet achter in de rij gestaan bij het gif uitdelen. Zo ook de koraalduivel, die een aura van giftige stekels om zich heen heeft. En dat weet de waterduivel maar al te goed. Hij is daarmee de MMA vechter tussen de discotheekgangers: prima dat hij er is, maar krijg er geen ruzie mee. De vis zet bij bedreiging de stekels overeind, en een smakelijk hapje (daarover later meer) verandert zo in een morgenster uit de diepte.

Qua anatomie is de vis verrassend hoekig, op het kunstzinnige af. Waar de clownsvissen gladde aaibare koppies hebben, hebben de koraalduivels ruwe randen en puntige vormen. Allen hebben zowel hun lijf als vinnen bedekt met een zebrapatroon, variërend van bruin-wit tot rood-psychedelisch-wit. De lange vinpunten hebben haast veerachtige waaiers die de vis, inclusief zijn ego, nog groter doen lijken.

Gif

Als geladen injectienaalden bevindt het gif zich in de punten van de stekels. Toch moet je daar dus zelf je huid doorheen prikken, want aan darten doet de koraalduivel niet. Het gif is bedoeld om pijn te doen, en om je er vriendelijk en bovendien neurotoxisch aan te herinneren het rifbaasje de volgende keer met rust te laten. Verwacht tintelingen, zwelling en een naar gevoel voor enkele uren tot enkele dagen. Geen grapjes dus, maar ook geen ramp. Je zou denken dat mensen, en dus duikers geen tot weinig reden zouden hebben om wat anders met de koraalduivels te doen dan van veilige afstand naar ze kijken……

Plaag

Niet dus, en hier komt het dilemma. De koraalduivels komen net als alle tropische vissen oorspronkelijk uit de Indopacifische driehoek. Daar zijn ze onderdeel van de voedselketen, met boven hen enkele waaghalzen die weten hoe je de stekels ontwijkt. Inmiddels komen de Lucifers sinds midden jaren ’90 ook voor in de wateren rond Midden-Amerika (waaronder ons Neerlands tropisch trots: de ABC eilanden). Daar zijn de voedselketens nog niet zo aan ze gewend. Roofvissen laten ze daarom angstvallig met rust, en vissen die kleiner zijn krijgen de kans om de duivel eens goed van dichtbij te bekijken, met name hun maag. Het gevolg is dat de vissen zich zonder natuurlijke vijanden als een razende voortplanten en zich onbeperkt volvreten met de toekomstige generatie Midden-Amerikaanse koraalbewoners.

Goh, das best een eindje zwemmen vanuit die driehoek…

Zeker, maar deze wereldreis is te danken aan Amerikaanse aquarianen die hun Lionfish maar wat graag tussen 5 glazen platen wilden laten zwemmen. Bij ongeluk en ongelukkigheid met de beestjes zijn ze zo ook in het lokale tropische water terechtgekomen. Als paria, maar daarom niet minder succesvol.

Kom in actie

Hoewel duikers bekend (zouden moeten) staan als ambassadeurs van de onderwaterwereld, met hart en respect voor alles wat onder water leeft, ging de koraalduivel hier te ver. Daarom is het in duikoorden in Midden-Amerika gangbaar om tijdens het duiken op ze te jagen. Juist, the Lionfish Hunter is daar een titel die je als duiker draagt met eer. Met speer en schaar worden de vogelvrij verklaarden onderwater gespietst en direct van hun gifstekels ontdaan. En meegenomen naar het oppervlakte.

Zeker om ze ritueel te verbranden en zo hun duivelse geesten te verdrijven!

Gedeeltelijk. Verbranden zeker, maar dan wel nadat ze goed zijn ingesmeerd met knoflook, olie, peper, zout en een druppie vurige tabasco (dat zal ze leren!). Juist, de koraalduivels blijken ondanks hun imago bijzonder smakelijk, weet ook uw duikblogger uit ervaring. Dus eet na de duik uw buikje rond en red een rif.

Een beetje een haat-liefde verhouding dus. Oh, en ook nog eens een van de leukste en herkenbare handgebaren om je buddy te geven! Doe uw handen als bij een gebed tegen elkaar aan, maar laat dan uw vingers op heidense wijze langs elkaar glijden, en aanbid de duivel onderwater.

Hoe de clownvis de wereld veroverde

Mensen worden graag meegenomen in een verhaal (wat waarschijnlijk ook de reden is waarom je deze blogpost leest). De entertainmentindustrie speelt hier handig op in en weet ons keer op keer te verrassen met een nieuw onderwerp. Soms wordt daar een bijzondere onderwaterbewoner voor gebruikt die na een succesvolle productie voortaan anders worden behandeld. De b.o.b. die het spits van deze rubriek afbijt: De Clownvis.

Een iconische combinatie van een grijze rugvin en een cello (bedankt nog, Steven Spielberg) zorgde ervoor dat ik als zwemmend kind zelfs in het zwembad nog een keertje extra achterom keek. Een Amerikaanse tv-serie over een altijd lachende dolfijn zorgde eerst voor dikke rijen mensen (en andersom) op de Harderwijkse Veluwe en later zelfs voor een kijkje in een verboden baai. Gelukkig werkt dit fenomeen van mediahype ook de andere kant op en hoor ik zelfs 14 jaar na de release nog bij menig zoutwateraquarium: “Kijk mama, een Nemo!”.

Clownvissen dus. Dankzij Pixar, die het voor elkaar kreeg om een vissensoort menselijke emoties te laten uiten. En met succes, want de film staat nog steeds hoog in mijn animatie-top-10. Toch weet ik als duiker ook hoe het er in het echt aan toe gaat en voor een objectief beeld is dat mogelijk interessant. Mocht je liever blijven geloven dat clownvissen kunnen praten dan raad ik je vooral aan om niet verder te lezen.

De clownvis is een anemoonvis en heeft afhankelijk van de soort 1,2 of 3 witte banden om zijn lijf. Je kunt hem (of haar, daar kom ik zo nog op terug) vinden op de tropische koraalriffen en omdat ze niet heel diep leven en zich niet snel verstoppen zijn ze relatief makkelijk te vinden voor elke (beginnende) duiker. De reden dat ze zich niet snel verstoppen is omdat ze een vrij unieke bescherming hebben van een ander onderwaterdier: een anemoon. Waar deze normaal zelf vis op het menu heeft staan is de clownvis ongevoelig voor de giftige tentakels, die voor blote mensenhanden ook nog best pijnlijk zijn. Of evolutie deze vissen daarnaast ook zo arrogant heeft gemaakt moet nog blijken, maar clownvissen zijn vaak alles behalve bang.

Als duikgids in de tropen, wat ik ook een tijdje gedaan heb, is het na verloop van tijd eenvoudig om het soort anemoon waar ze in zitten te herkennen. Daarna is het een kwestie van de mededuikers het clownvis handsignaal te geven en je ziet ze mentaal uitroepen: “Nemo’s!”. Clownvissen die duikers gewend zijn hebben vaak geen probleem om de anemoon tijdelijk te verlaten voor een confrontatie, en ik heb er wel eens één meegemaakt die als een dolle kamikazepiloot frontaal tegen het glas van mijn duikmasker botste. Dat heb ik ze in de film niet zien doen.

Wat in de film ook minder goed naar voren kwam is dat clownsvissen van geslacht (kunnen) veranderen. En vrij praktisch ook nog. Elke clownvis wordt als inactieve vrouw geboren en elke anemoon heeft een groepje van meerdere mannen en één vrouw. Zodra deze vrouw haar laatste slok water uitblaast verandert een van de mannen in de nieuwe vrouw. Waar wij als mensen discussies hebben over waar genderneutralen naar de wc moeten, zorgen de clownvissen voor duidelijkheid. Mocht je zo’n omgekeerde harem een keer in hun anemoon tegenkomen dan is de grootste clownvis altijd het vrouwtje. Mocht dit vrouwtje zich toch nog wat mannelijk gedragen (shag roken, flauwe opmerkingen, ankertattoo’s nog niet weg laten halen, dat soort werk), dan weet je dat het vorige vrouwtje nog niet zo lang geleden is heengegaan.

Nu we de basics hebben gehad wordt het tijd voor een diepere laag van informatie. Wetenschappers zijn er namelijk nog niet over uit (goh?) welke relatie de vis nu precies met de anemoon heeft. Feit is dat de vissen zich continue aan de tentakels van de anemoon schuren om resistentie tegen het gif te behouden. In de tussentijd houden ze de anemoon gevoed, schoon en verdedigen deze zelfs tegen roofdieren. De anemoon profiteert hier dus en in ruil daarvoor krijgen de visjes een ‘welbetentakeld onderwaterkomen’ (moeilijk om hier een term zonder enige vorm van een dak te gebruiken). De biologische term hiervoor is een symbiotische relatie. Toch is er ook een andere stroming, en deze theorie vind ik zelf de leukste, die oppert dat de anemoon juist controle heeft over de vissen door stoffen aan te maken die zij door het schuren opnemen. Zo zou een anemoon op slinkse wijze misschien wel de eerder genoemde arrogantie bij een bezoek van duikers kunnen veroorzaken. Theorie, (nog) geen bewijs, maar zeker leuk om tijdens een decobiertje eens over na te denken.

De Pixar keuze voor deze b.o.b heeft ervoor gezorgd dat deze vissen zeer populair zijn geworden en daarmee niet alleen in de zee. Ook zoutwateraquaria zitten er vol mee wat als duiker potentieel een puntje van kritiek zou kunnen zijn: “Graag wel wat laten zitten voor ons”. Gelukkig heeft de Pixar hype ook hier positief effect. Clownvissen zijn namelijk relatief eenvoudig in gevangenschap te kweken en een vraag doet in dit geval goede dingen voor het aanbod. Zo zullen de Nemo’s in gevangenschap ook regelmatig botsen tegen het glas, maar eerder uit onhandigheid dan uit agressie.

Vond je deze blogpost leuk om te lezen? Deel dit plezier dan en gebruik de knoppen hieronder om dit verhaal via Social Media te delen.